09-12-2019 | Langebaan

Belgisch record en gouden plak voor langebaanschaatsers in Kazachstan

Afgelopen weekend stond de derde wereldbeker voor de Belgische langebaanschaatsers op het programma. Het Alau Ice Palace in het Kazachse Nur-Sultan was als eerste aan de beurt in de Aziatische ronde. Volgend weekend reist onze delegatie door naar Nagano in Japan.
 
Op de eerste dag kwam enkel Stien Vanhoutte (23, LBSG) aan de beurt. Zij schaatste de 1000m in de B-divisie, waar ze met een tijd van 1.19,765 een zestiende plaats behaalde. Het was naar eigen zeggen een loodzware rit. Gelukkig leek ze de volgende dag voldoende hersteld te zijn, want op de 500m in de B-divisie sprintte ze naar een nieuw Belgisch record van 39,616. Goed voor opnieuw een zestiende plaats in het klassement. ’s Middags was het de beurt aan Mathias Vosté (25, BSC) en Bart Swings (28, NLSV), die allebei mochten starten in de A-groep. Voor Mathias was dat op de 1000m, waar hij zijn beste prestatie – allereerste keer in de top tien – ooit afleverde. Hij werd vierde en miste op tien honderdste van een seconde het podium, die werd bezet door drie Nederlanders. Winst ging naar Thomas Krol met een tijd van 1.08,420, wat ook een baanrecord is. Bart kwam aan de start van de 10.000m, waar hij tiende werd in een tijd van 13.29,538. De overwinning was voor de Nederlander Patrick Roest, die een tijd van 12.59,442 neerzette.
 
Zondag stond er geen maat op Mathias, die de 1500m in de B-divisie reed. Zijn tijd van 1.46,959 was goed voor een plek op het hoogste schavotje, geflankeerd door Wesly Dijs uit Nederland en Taro Kondo uit Japan. Bart schaatste dezelfde afstand, maar dan in de A-groep. Hij reed naar een tijd van 1.47,378, wat goed was voor een zestiende plaats. De uiteindelijke overwinning ging naar Zhongyan Ning uit China die een nieuw baanrecord van 1.44,918 neerzette.
 
Aangezien er geen massastart op het programma stond, schaatste Anke Vos (27, LBSG) dit weekend niet. Zij kon gebruik maken van de trainingsfaciliteiten om zich voor te bereiden op de wedstrijd in Japan, waar ze op de team pursuit hun debuut zullen maken. Ook Sandrine Tas (24, LBSG) kon voor het eerst sinds haar blessure weer de schaatsen aanbinden voor enkele trainingssessies. Dit weekend was het nog te vroeg om deel te nemen aan de ploegenachtervolging, maar alle hoop is op de wereldbeker in Japan gericht. Daar moeten de drie dames zich kwalificeren voor het Europees Kampioenschap – dat van 10 tot 12 januari in Heerenveen plaatsvindt – om het project draaiende te houden. Slechts de zes beste teams mogen daaraan deelnemen. Voorlopig ziet het er goed uit, want van de negen teams die al een ploegenachtervolging schaatsten, zijn er slechts vier teams afkomstig uit Europa.